| Survivalweek Limburg jeugd 2008 |
|
|
|
| Geschreven door Ben van Wieren |
| maandag 08 december 2008 20:09 |
|
Ben's logboek ~ een verslag van de 1e "survivalweek" van de Coenschutterjeugd De laatste werkdag voor aanvang van die week, waar we met een aantal mensen al maanden mee bezig zijn. Een week waar de deelnemers en hun ouders het ook al weken over hebben. Sommigen hebben er alles aan gedaan om zich zo goed mogelijk voor te bereiden, en dat is lastig en spannend, wanneer je niet goed weet waarop. Voor de insiders (de organisatie) is het, op een andere manier, minstens even spannend. Onze doelstellingen zijn:
Ja ik weet het, ….. het klinkt nogal zwaar, maar als het (een beetje) lukt is dat toch helemaal fantastisch, of niet soms? Door de drukte op het werk (ISO-audit voor insiders), jeugdinstructie op maandag en woensdag, overleg over “het bewuste weekje weg” op dinsdag avond, dakkoffer ophalen en privé zaken op donderdag, blijf ik vanavond thuis (op vrijdagavond niet naar de club is voor mij bijna ondenkbaar). Rugzakken opzoeken en inpakken, 2 tenten met toebehoren gereedmaken, 4 slaapzakken, 4 slaapmatten, jassen, schoenen, bergen kampeerbenodigdheden voor algemeen gebruik bij elkaar zoeken en inpakken, alle lijsten en lijstjes plus lijsten van lijstjes checken en dubbelchecken. Kortom laat naar bed, schuur één chaos, garage grote puinhoop en het hele huis overhoop …………………. We denken dat we er klaar voor zijn. Zaterdag 18-10 Vroeg op, alles uit de gang in de auto, en wachten op Jelger met de Coenschuttersaanhanger die eerst nog uit z’n herstelwerkplaats bij de familie Brunen gehaald moet worden. Naar de club, waar ouders en kinderen en vooral veel bagage op ons wachten. Na wat pas- en meetwerk is alles en iedereen in de drie voertuigen ondergebracht. 10.00 uur we rijden !! Het weer is niet erg bemoedigend onderweg, maar het feit dat we geen verkeershinder ondervinden maakt dat we toch vrolijk onze reis ondergaan. Ca. 13.30 uur worden de auto’s aan de kant gezet (in België) rugzakken op (ja die hele grote!) en lopend richting camping. De afstand hebben we bewust niet overdreven, maar 5 km met bepakking over bospaden en met behoorlijke hoogteverschillen hakt er, vooral voor de kleinsten, behoorlijk in. Tim toont meteen zijn groepsgevoel en ruilt zijn veel kleinere en lichtere rugzak met de 11 kg wegende rugzak van Johan (super). Tino loopt een gemene blaar op in zijn nieuwe legerkisten, maar geeft een hele tijd geen krimp. Uiteindelijk wisselt hij van schoenen (maar wel zonder klagen ……. Een bikkel dus). Bij aankomst op “het Zinkviooltje” moet eerst de 8x4 partytent worden opgezet (door de deelnemers natuurlijk). Een eerste tegenslag voor Tim duikt op, wanneer bekend wordt gemaakt dat we in tweetallen per tent de nachten gaan doorbrengen. Wanneer hij aangeeft dat zijn tent eigenlijk een eenpersoonstent is, heeft dit een ander effect dan hij had gehoopt. Jelger besluit hierop Tim’s (speciaal voor deze gelegenheid aangeschafte) tent niet te kunnen gebruiken. Tot Tim’s grote teleurstelling natuurlijk. Later wordt e.a. keurig uitgesproken en zegt de leiding toe dat de bewuste tent later nog zal worden gebruikt. Het volgende individuele drama dient zich aan wanneer de maaltijd voor die avond uit soep met brood blijkt te bestaan, vooral wanneer de leiding duidelijk maakt dat iedereen zowel soep als brood dient te eten. Na een klein uurtje is één, voor de tweede maal opgewarmd, bakje groentesoep dan toch eindelijk opgegeten (zucht). Een korte uitleg over het meest hotte item van deze week (Vuur), en een kaartspel, dat door Mandy is meegenomen, vullen de avond. Als iedereen genoeg in de vlammen heeft gestaard, is het tandenpoetstijd. Een wat vreemd gevoel bekruipt me bij het zien van een kaal grondzeil, op de plaats waar volgens mij Marten zou moeten gaan slapen (ik werd hierop gewezen door Tim). Als Marten aangeeft, dat hij vannacht wel op de koude grond gaat slapen, omdat hij geen zin heeft zijn bed op te maken, en geen pomp heeft om zijn luchtbed op te pompen, moet ik iets doen. Gelukkig heb ik nog een isolatiematje op reserve, waarmee Marten in elk geval de nacht vrij van de grondkou kan doorkomen. Uiteindelijk wordt het stil (niet eens erg laat …. Iedereen is aan slapen toe). Zondag 19-10 05.00 uur worden we wakker van kabaal dat wordt veroorzaakt door een grote groep studenten die een aantal feestdagen en nachten hebben georganiseerd. Een woeste kreet van Felicien tempert de overlast enigszins, maar wakker is wakker. Een kleine twee uur later doen twee hanen op aangrenzende percelen een wedstrijdje Coenschuttertje pesten (de heren blijven dit de rest van de week volhouden) Kukellekuuuuuuuuh. 07.00 uur zijn de eersten uit hun slaapzakken. Al snel blijkt dat veel slaapzakken en/of matten niet berekend zijn op kamperen in de herfst. Een groot aantal heeft het koud gehad vannacht, en hebben geslapen in spijkerbroek en trui. Met de inzet van wat extra beddengoed, en andere noodoplossingen, waaronder het oppompen van Marten’s luchtbed m.b.v. onze tentcompressor, gaan we de komende nacht beter voorbereid tegemoet. Nog even ter verduidelijking, luchtbedden zijn niet geschikt voor lage temperaturen, ze liggen comfortabel, maar kunnen alleen in combinatie met een isolatiemat (aan de bovenzijde) worden gebruikt! Voor we aan de volgende nacht toe zijn, eerst nog een drukke dag, bestaande uit instructie over de basisbegrippen van survival, het gebruik van een scherp mes, de magnesium staafjes, tondel enz. Verder moeten ze de meegebrachte BBQ’s zelf in elkaar zetten, en op betonblokken zetten, omdat we geen vuur op de grond mogen maken. De bovenbouw (roosterhouders) laten we er nog even af (komt later deze week wel). Na het uitdelen van bovengenoemde artikelen moet iedereen een klein naaiklusje uitvoeren om de magnesiumsticks aan de messchede te kunnen bevestigen en borgen. Ondanks de goede voorbereidingen blijkt dit opdrachtje nog behoorlijk lastig voor velen. Dan volgt een inspectie van de tenten, en een bagagecheck, beide onderdelen verlopen buitengewoon goed, en er is weinig aan te merken. We lunchen bijna net als thuis, maar dan voor het grootste deel zonder borden (dit scheelt afwas. Tip voor thuis?). Na het eten maken we een rustige wandeling in de omgeving onder de noemer “ontdekken en verzamelen”, waarbij o.a. tondel wordt verzameld. Het weer is perfect, wat kan ons gebeuren? Bij terugkomst in het kamp wordt er instructie bijlgebruik gegeven, waarna iedereen voorzichtig een poging mag wagen om brandhout te kloven (velbijl, kleine kampbijl, mes met “baton”). Voor de twee jongsten en Marten blijkt de grote bijl geen veilige optie, maar met mes en kleine bijl zijn ook zij prima in staat hun brandstof voor te bereiden. Vuur maken, voor 5 van de 7 lukt het meteen al deze eerste keer, al doen sommigen er wat lang over (niet verkeerd voor de eerste poging). Bij het avondeten worden we verwend met een voedzame macaroni, bijna iedereen is er blij mee, alleen al omdat het warm en hapklaar voor ons klaarstaat. Een klein pedagogisch hobbeltje m.b.t. bovenstaand onderwerp strijken Wesley en ik onder vier ogen glad en we hebben ’t er niet meer over. Na het eten, verder met vuurtje stoken, dat vindt iedereen leuk, zonder uitzonderingen. Als het einde van de dag in zicht is, worden we nog getrakteerd op heerlijke warme chocolademelk (geen slagroom of rum helaas), dan is het tijd om het begrip “flummy” te introduceren, daar deze Canadese deegwaar volgens goede survival traditie de avond voor het ontbijt voorbereid moet worden. Twee vrijwilligers gaan, onder begeleiding van Jelger, in de van vloerverwarming voorziene toilet- en doucheruimte aan de slag. Als laatste spelen we nog een paar leuke spellen, waar niet iedereen de clou van doorziet, voordat de tanden moeten worden gepoetst. Na het poetsen is het binnen 5 minuten muisstil……zzzzzzzzzzzzzzzzzzzzz. Maandag 20-10 07.00 uur onder het gekraai van eerder genoemde hanen staan de eersten alweer op uit de warme slaapzakken. De afgelopen nacht is kouder geweest dan de voorgaande, toch hoor ik minder klachten, de maatregelen hebben geholpen. Het ontbijt duurt wat langer, doordat de flummies gebakken moeten worden. Door het toepassen van de belangrijke instructie “maximaal vet” voeden de kleine lekkernijen als beton. Meteen na het ontbijt de eerste vuurproef. Iedereen zal minimaal 1x in deze week binnen 2 minuten vuur moeten maken. Johan blijkt een goede dag te hebben, en heeft binnen 25 seconden een serieuze vlam, 10 seconden later heeft Mandy ook vuur, Tino heeft met 1 minuut en 55 seconden zijn hakken over de sloot, Marten zet goed door en heeft zijn eigen mini vreugdevuurtje na 2 minuten en 55 seconden (goed doorgezet), de rest geeft ’t op. Eric heeft als eerste ontdekt hoe makkelijk het is om je vingers te schillen, als je mes maar scherp genoeg is. Als vreugde en verdriet zijn afgezakt, begint de volgende instructie, vandaag staat in het teken van het Noodbivak. Lijn en plastic, wordt beschikbaar gesteld, haringen en andere hulpstukken dienen zelf gezocht en gemaakt te worden. Met bloed, zweet en tranen worden uiteindelijk drie keurige noodbivakken opgeleverd (bloed van Tino dit keer, zweet is lastig bij deze temperaturen en tranen blijven gelukkig uit). Lunch als gebruikelijk, en na overleg van de leiding wordt besloten het middagprogramma iets te versoepelen. Eerst worden de messen op onderhoud gecontroleerd, en waar nodig opgeknapt door Feli. Iedereen krijgt even een uurtje voor zichzelf (er is een tas met speelgerij beschikbaar, waar maar weinig gebruik van wordt gemaakt). Door de toenemende wind is badminton of tafeltennis niet mogelijk, maar de andere voorzieningen worden ook niet aangeraakt. Johan, Mandy en Marten hebben behoefte aan rust en ploffen ergens neer, terwijl de anderen enthousiast met de noodbivakken doorgaan (bladeren verzamelen, winddicht maken e.d.). Jelger en Feli knijpen er tussenuit om de tocht van overmorgen uit te zetten en te verkennen, want het feit dat we een wat minder inspannende dag hebben vandaag, heeft natuurlijk een reden. Ik heb (na overleg gisteravond) voor Tim de prettige mededeling, dat hij alsnog gebruik mag maken van zijn mooie nieuwe “ploptent”, hetgeen met een grote glimlach zijnerzijds wordt beantwoord (moest ik absoluut een foto van nemen). Inmiddels hebben Feli en ik een windscherm gemaakt, om het geplande “koken op eigen vuur”, ondanks de wind toch door te kunnen laten gaan. Diezelfde wind zet ons ertoe aan de partytent stormklaar te maken, hetgeen meteen wordt uitgevoerd. Het wordt een hectisch gebeuren : kloven, snijden, tondel verzamelen ……..kortom vuur maken per team. De pannen komen tevoorschijn (gelukkig hebben we wat extra spullen mee, want niet iedereen heeft de meeneemlijst goed doorgenomen). Sperziebonen punten, piepers schillen, wat water en zout, het klinkt eenvoudig, maar stiekem krijgen ze allemaal toch wat meer waardering voor de koks thuis.Natuurlijk, in de keuken thuis staat niet zoveel wind, gaan je ogen niet tranen van de rook en dooft je vuur niet door scheefzakkende pannen, waar het water uit klotst, verder steek je het gas wat eenvoudiger aan, maar toch. Als dan het mes van Mandy, zo goed gezekerd blijkt (touwtje) dat het haar zelfs achtervolgt wanneer ze vlucht voor de rook, gaat het mis. Het vlijmscherpe puntje, waarvoor ik al meerdere malen gewaarschuwd heb, boort zich door haar broekspijp in haar kuit. Een overduidelijke les voor iedereen stop je mes in de schede, en leg het niet naast je in het gras, wanneer je het niet gebruikt. In eerste instantie voelt het als een tikje, maar nadere inspectie toont aan dat het een te diep wondje is om onbehandeld te laten (om een lelijk litteken te voorkomen). Na een zeer heftige eerste reactie van het slachtoffer, gaan Emmy en Jelger met ‘r naar Maastricht, om het te laten hechten. Aldaar gaat onze jonge dame de behandelend arts verbaal te lijf, maar uiteindelijk wordt het gat gedicht. Later op de avond spelen we op Mandy’s verzoek het tutti-frutti spel, waarbij de deelnemers elke ronde een spekkie in hun mond moeten proppen (zonder kauwen of doorslikken) en vervolgens tutti-frutti moet proberen te zeggen. Als de medespelers de verstaanbaarheid afkeuren ben je af. En wie wordt er eerste met 19 !!!! spekkies achter de kiezen? ……………………………tuurlijk Mandy.Door het bloedbad van vanavond wordt besloten de geplande avondwandeling te cancelen. Ik weet ’t we worden soft. Het tandenritueel, nog even aftappen en dan allemaal de zak in. Dinsdag 21-10 Ook als het regent doen de gevederde vrienden hun ochtendritueel, en dus zijn we voor 07.00 klaarwakker. 08.00 ontbijt. Jelger en ik maken in de stromende regen een verkennend tochtje langs de Geul, om een geschikte oversteekplaats te vinden. De rest moet een driepoot maken en deze inrichten als noodsignaal (plateau met tondel en droge brandstof met daarboven varens en ander groen materiaal). Bij een doorwaadbare plaats houden we halt, Jelger offert zich op en trekt zijn schoenen en sokken uit, ritst zijn broekspijpen af en doorwaad “de kolkende rivier” om aan de overkant het touw te verankeren. Om het nog wat moeilijker te maken gooi ik één van de touwen met carabiners te water, zodat Jelger ook nog plat op zijn buik in het natte gras moet om de hele operatie en de genoemde materialen te redden. Uiteindelijk lukt alles en halen we de anderen. Alle deelnemers m.u.v. Mandy (Kuit mag niet nat worden) doorwaden (heen) de rivier, om daarna via het touw (in een gezekerd tuigje) een tweede oversteek (terug) te maken. Sommigen zijn erg gespannen, hetgeen duidelijk aan de gezichten is af te lezen.Door de regen zijn hier, jammer genoeg, geen foto’s van. Diezelfde regen doet ons besluiten het maken van andere noodsignalen niet door te laten gaan, even als het beantwoorden van vragen en uitvoeren van andere kleine opdrachten in het veld. Na terugkomst in het kamp laden we de hele boel in de auto’s en vertrekken we richting Valkenburg, waar we de Romeinse catacomben bezoeken (met name Tim en Mandy doen we hier zichtbaar een plezier mee). Ook al zijn deze catacomben niet echt, volgens de gids zijn ze perfect nagemaakt naar Romeins voorbeeld, het maakt toch een behoorlijke indruk. Na de catacomben bezoeken we nog meer begraafplaatsen, nu van recentere datum, en echt deze keer, het is de Amerikaanse erebegraafplaats in Margraten, ook dit maakt op een aantal van ons een behoorlijke indruk. Genoeg lijken voor vandaag, nu nog even boodschappen doen in Gulpen, stiekem doen we een psychologische test. Het zakgeld wordt uitgereikt met de mededeling dat er geen etenswaren van gekocht mogen worden (we wachten af). Binnen een uur (we hebben het dorp natuurlijk tactisch doorslenterd) bingo Eric en Mandy staan ergens op een zojuist besteld frietje te wachten. Beiden kleuren diep rood, en wij doen onze uiterste best om geschokt te kijken. De frietjes worden onaangeroerd ingeleverd, en achter in de auto mee naar het kamp genomen. De impact van het voorval is veel groter dan we hadden verwacht, sommigen voelen zich verantwoordelijk en denken dat ze de overtreders hadden moeten tegenhouden, anderen vinden het oneerlijk dat de hele groep “gestraft zal worden terwijl ze er niet bij waren toen de bestelling werd geplaatst. We laten de groep met de patat in de hoofdtent achter om er samen over te discussiëren, met de mededeling dat we de omstreden aardappelstaafjes niet meer willen aantreffen als we terug komen. Bij onze terugkomst zijn de felbegeerde frietjes niet opgegeten maar in de prullenbak gegooid (zonde dachten wij).De strafmaatregel treft ook de leiding, ons plan om deze “niet survivaldag” af te sluiten in een snackbar gaat niet door. We eten soep met brood, de hele groep is eigenlijk van mening dat de straf nogal meevalt, zelfs als men hoort dat we morgenochtend om 07.00 uur zullen ontbijten i.p.v. 08.00 uur. Mijn mond valt open als Wesley aangeeft dat de soep heerlijk ruikt, en hij eet als een dijker. Een spontane, stiekeme tentinspectie door Feli is de aanleiding om een paar mensen hun tent op te laten ruimen, en heeft een boze Tim tot gevolg (hoe durft iemand in mijn tent te kijken zonder dat ik daarvan op de hoogte ben). Ik heb me hier verder niet mee bemoeid. De temperatuur zakt erg snel, het wordt een koude nacht. De avond wordt in een goede stemming afgerond met spellen als “wie ben ik” en een sneaky vragenlijst van Jelger. Plassen poetsen en plat. Woensdag 22-10 07.00 ontbijt, lekker eerder wakker dan de buurhanen (als ik wist waar het kippenhok stond had ik die krengen deze keer wakker gemaakt, puur om ze terug te pakken). We beginnen met het oefenen van wat knopen, gesneden koek voor Mandy met haar scouting achtergrond, maar de rest doet goed z’n best. Ik ben positief verrast door het knooptalent van Marten (hartstikke goed). Dit knopen, gevolgd door het verder in elkaar zetten van de BBQ’s, is natuurlijk niet zomaar (zoals niets in dit weekje), het is nodig de groep even bezig te houden, om Jelger en Feli de tijd te geven de kaart en kompas oefening voor te bereiden. Als de mannen terug zijn kunnen we vertrekken. Allemaal in de auto daypacks mee, plus een mysterieuze vrij zware extra rugzak en enkele 1,5 liter flessen gevuld met water, die door de groep vervoerd moeten gaan worden. Ze lossen het prima op zonder onenigheid (keurig). Jelger en ik gaan met de groep op pad. Het gaat niet erg snel, mede door de behoorlijk moeilijke cryptische aanwijzingen die ze van punt naar punt moeten leiden. Tino en Eric trekken de kar, beiden lijken geboren leiders, rugzak vervoeren, kaartlezen enz. Tim beschikt over veel kennis en blijkt behoorlijk sterk in het oplossen van de raadsels, verder blijkt Tim steeds weer bereid alles te doen wat nodig is. Mandy’s bijdrage is vandaag wat minder, maar zolang het niet te stijl bergop gaat loopt ze pittig mee, verder neemt ze de geheimzinnige rugzak over een behoorlijke afstand voor haar rekening. Marten is een echte loper, en dat is te zien, bergop of af, Marten kan het niet vlot genoeg gaan, het kaart en kompas gebeuren is niet echt aan hem besteed, maar voor het vervoeren van de extra rugzak draait hij zijn hand niet om. Wesley draagt de extra rugzak veel verder dan ik verstandig vind, maar het lijkt hem niet echt uit te putten, kaartlezen en vraagstukken zijn niet echt zijn ding, maar hij weert zich dapper. Johan tot slot, verbaast Jelger en mij met zeer slimme opmerkingen m.b.t. de raadsels. Jammer dat Eric, Tim en Tino weinig interesse tonen voor zijn bijdrage. De vervelende rugzak is voor Johan eigenlijk te veel, hij probeert het wel, maar nooit langer dan 20 minuten. Honger begint de kop op te steken. Tim vermoedt dat de lunch in de geheimzinnige rugzak verstopt zit, maar na toestemming dit te controleren blijkt het pokkending gevuld met het natte touw van de rivieroversteek. Een dubbele domper, wat moeten we nou met 10 kg nat touw? De groep zet zich verbazingwekkend makkelijk over dit, door ons bewust ingebouwde, plaagstootje heen, en gaat door naar het eerstvolgende punt op de kaart. Pas rond 14.30 uur vindt men de, in een vuilniszak verborgen, etenswaar in de buurt van een bankje waar Feli en Emmy al een behoorlijke tijd hebben staan wachten. Met z’n allen gaan we het laatste stukje van de tocht afleggen. Sommigen zien aan de omgeving dat we in de buurt van de camping komen, en rekenen zich rijk.Weer zo’n gemeen stukje psychologische oorlogsvoering, we blijven aan de andere kant van de Geul en lopen het kamp voorbij. We komen langs wat loslopende koeien, en moeten door een vogelrustgebied (illegaal), omdat dit niet op de kaart vermeld staat, was het voor Jelger onmogelijk hier rekening mee te houden bij de voorbereiding thuis. Ach het heeft wel iets zo op verboden terrein, door de koeienpoep en bagger.De tocht zit er op als we een oude watermolen bereikt hebben, iedereen is blij dat we de zes en een half uur durende wandeling hebben volbracht. Twee mensen geven aan dat ze hoge nood hebben, en snel naar de camping willen, maar ……….. eerst de vuurproef (aaaah neeee hè ?). Jelger blijft in zijn rol (hebben we zo afgesproken) van “boeman”, en net als met het frietincident, blijkt hij onverzettelijk……………………… eerst vuur maken dan verder. Tim maakt zich erg kwaad, niet op Jelger, maar over het feit dat hij 2 minuten en 10 seconden nodig heeft om vuur te maken, en dus de proef niet heeft gehaald. Alle tijden worden genoteerd, en ik sprint met Marten vooruit i.v.m. zijn hoge nood. Bij terugkomst in het kamp worden we verrast met een zeer verleidelijk aanbod. Een andere groep studenten, dan de eerder deze week genoemde herriemakers, bieden ons een gigantische overdosis BBQ restanten aan, inclusief gebruik van de gas-BBQ, we twijfelen even, maar niet te lang, en besluiten ja te zeggen. De jeugd is door het dolle en het kan letterlijk niet op (lang niet). Een paar maken zelfs buiten een eigen vuurtje voor de sfeer, en dan begint het te regenen ????? Binnen in de tent dan wel te verstaan, het BBQ feest produceert zoveel condens dat het water van het tentdoek druipt ………………….. so what? Later op de avond nog een rondje wie ben ik, plassen poetsen plat (ppp). Donderdag 23-10 Standaard tijd wakker, de hanen waren weer eerst, en dan ontbijt. Een ontbijt dat wederom wordt opgeleukt met studentenkliekjes (veel). Kilo’s kaas en bergen broden, iedereen eet meer dan nuttig is, net als gisteravond trouwens. We merken dat de kinderen onprettig anders zijn, dan de rest van de week, de overdaad is zichtbaar niet goed voor het sociale gedrag en de sfeer (gaan we dus niet meer intrappen). We beginnen het kamp rustig aan op te ruimen, en alle tenten af te breken zo gouw ze droog zijn. Droog inpakken is natuurlijk héééél prettig, maar zijn we niet te vroeg (een hele dag ofzo)? Nee we slapen vannacht niet in de tenten. Slapen we in de noodbivakken dan? Nee, en ook niet in de open lucht, maar samen in de grote tent. Hé, das eigenlijk ook wel eens leuk …………… toch? Als alle tenten zijn ingepakt, het gras is ontdaan van troep, de noodbivakken zijn opgeruimd, (werkzaamheden waar enkelen zich een beetje aan onttrekken) gaat de leiding alvast alle overige spullen opruimen en inpakken (voor zover mogelijk). Jelger neemt Marten even apart (hij is de enige die deze week nog niet binnen de twee minuten vuur heeft kunnen maken), en na een klein kwartiertje komen de mannen glimlachend terug, ook Marten heeft de vuurproef gehaald (en in een supertijd van 30 seconden). Fysiek is het vandaag tot nog toe niet bijster zwaar maar geestelijk plagen we ze stiekem de hele dag al een beetje. Vanmorgen is besloten om de overdaad aan vlees niet te gaan verslinden net als gisteren, hetgeen met name Eric raakt tot op het bot (Je gaat toch geen vlees wegdoen?!?!?!). De braadworsten die voor gisteren op het menu stonden, maar in het niet vielen door de BBQ restanten van de PABO, zullen vandaag worden ingezet, zij het met een gemeen spelletje. We zijn Coenschutters en er moet dus geschoten worden, een combinatie van dit gegeven met overleven, maakt de volgende situatie. Eén boog (45# te zwaar voor 4 van de 7) geen handschoentjes (zere vingers) vreemde pijlen en geen armbeschermers, schietend met een hoogteverschil in het terrein en op een onbekende afstand,…………Ga er maar aan staan. Veel protest (met name van Mandy) over de onredelijke situatie, maar dat helpt natuurlijk niet. Los het samen op, is onze reactie, drie pijlen per persoon, één braadworst per pijl “punt uit”. De score Tim 1x Eric 1x en Marten 2x (fantastisch). Na wat discussiëren bedenkt de groep uiteindelijk dat ze de 4 worstjes misschien moeten delen (da’s nou precies waar we heen wilden), als beloning stelt de leiding de door Feli 3x en Emmy 1x veroverde worstjes ter beschikking. De groep krijgt nog 3 pijlen, één treffer levert ze 4 extra worsten op, drie missers kost ze hun complete jachtresultaat, durven ze? Zo ja wie gaat de drie pijlen schieten? Na overleg neemt de groep een goed besluit : Marten gaat alle pijlen schieten, bij verlies wordt er niet geklaagd, en bij winst krijgt iedereen een worstje, waarbij Eric voorstelt dat Marten worstje nummer 8 zal krijgen. Het lukt ! Eén treffer is voldoende, iedereen heeft vlees. Het verdelen van dat laatste worstje komt niet bij Marten op (en hij heeft nog gelijk ook). Na het eten en de corvee gaat het hele spul in de auto’s richting Duitsland. Jelger en ik lopen met de kids het duitse woud in, Feli en Emmy lossen het auto/logistieke probleem op, zoals al enkele malen eerder deze week. Het is donker in een bos, zo enkele uren na zonsondergang, dat is meteen de belangrijkste constatering van de meesten, griezelig donker (geen hand voor ogen dus). De kids worden allemaal voorzien van een “breeklicht” aan hun rugzakje, zodat we in één oogopslag kunnen checken of de 7 dwergen wel compleet blijven. Alle zak en hoofdlampen worden ontstoken, en als een kakelende discobal strompelt de groep het duister in. De reflecterende ogen van een groepje herten laten de fantasie op hol slaan, als we niet snel iets geruststellends melden (ik hoorde het woord wolven al zachtjes noemen). Marten heeft een lamp van Feli geleend, die naar zijn smaak niet genoeg licht geeft, en blijft schouder aan schouder lopen met mij, hij meld ook eerlijk dat hij dat donker niet erg prettig vindt. Kaart en kompas werken in het donker ook, maar toch moeten we een aantal malen corrigeren, en lopen we iets meer kilometers dan gepland. Ik merk dat het erg belangrijk is dat we de groep niet te ver van ons af laten lopen (ze voelen zich veiliger met ons erbij). Gaandeweg beginnen steeds meer batterijen het op te geven, ik heb 3 lampen mee, maar zolang het alleen maar spannender wordt, en niet gevaarlijk houd ik ze in mijn zak. Wat me vanavond opvalt is dat Tino, een soort “pocket rambo” tot nu toe, er voor het eerst zichtbaar moeite mee heeft, hij klaagt over vermoeidheid, maar zet natuurlijk wel door. Lopend langs de Duits Belgische grens bereiken we uiteindelijk (na zo’n 3 uur) het 3-landenpunt, waar een geheimzinnig lichtsignaal van een paar honderd meter verderop de aanwezigheid van de auto’s verraad. Moe en sommigen koud rijden we terug naar het kamp. Ppp . Een raar nachtje in de grote tent. Vrijdag 24-10 Standaard hanen ontwaakservice. Marten verbaast de hele groep door, gekleed in alleen zijn onderbroek in de ochtendkou, helemaal naar het toilet te gaan, maar geeft geen krimp. Johan maakt en bakt flummy’s. Alles wordt ingepakt en opgeruimd, nog een laatste inspectie van het terrein, alles is OK. De strenge campingmevrouw neemt niet eens de moeite om het gras echt te inspecteren, zo netjes hebben we ons gedragen. Ze geeft aan dat wij een volgende keer van harte welkom zijn, en heeft zich in de afgelopen week diverse malen verbaast over de activiteiten die wij hebben gedaan, vooral de nette en rustige manier waarop (in één woord geweldig met een hele zachte G). Wat even tegenvalt voor een paar, zeker na de nachtwandeling van afgelopen nacht, is dat we allemaal onze eigen bagage weer op moeten pakken (alles behalve tent en slaapmat), en lopend de camping verlaten. Bewust houden we het tempo wat hoog in het begin, maar niemand laat zich kennen. Net tegen de tijd dat de eerste geluiden van vermoeidheid beginnen door te klinken nog even een gemeen pedagogisch tikje. Jelger deelt mee dat Wesley’s been gebroken is, en dat er een brancard gemaakt moet worden, om hem op te vervoeren. Twee lange wandelstokken en een tentzijltje worden ter beschikking gesteld, nadat de zelfbedachte constructie niet goed blijkt te functioneren, geven we wat aanwijzingen zodat ons gespeelde slachtoffer verantwoord vervoerd kan worden. Vooral Mandy is erg opstandig en verontwaardigd over de hele toestand, vooral wanneer duidelijk wordt dat ook de rugzak van Wesley nog moet worden meegenomen. Kreten als: “hij kan toch zelf ook lopen”, “Dit slaat helemaal nergens op”, “Ik doe het niet” enz. galmen door het bos. Uiteindelijk lost de groep het toch gewoon op zoals het hoort.Nog één keer schrikken van het antwoord op de vraag: “Hoever moeten we hem dragen?”. “Helemaal tot we er zijn.” Is het antwoord.Als de protesten weer zijn uitgegalmd, blijkt dat de afstand tussen de plaats van het gespeelde ongeluk en de veilige warme auto een slordige 150 meter is. Wat een rotstreek. Eerst nog even lunchen in de luwte van een geïmproviseerd windscherm, terwijl Feli, Jelger en Emmy de andere twee auto’s gaan halen. Als iedereen in de voertuigen zit verlaten we Limburg met gemengde gevoelens, het is lekker om naar huis te gaan, maar dit magische eerste Coenschuttersurvivalweekje is nu echt voorbij. Enkele spetters op het voorruit doen me glimlachen, wat hebben we een mazzel gehad met het weer. En dan …………………. Files ………………………… vaak, veel en lang, Sms’en naar alle thuisblijvers.Eten onderweg, ongepland naar “de Mac”, doordat we elkaar uit het oog verloren zijn in de verkeerschaos gaat de oorspronkelijke planning in rook op. Bij aankomst in Hoorn denkt iedereen dat het over is, maar nog één maal de vuurproef als triomfantelijke demo voor alle aanwezigen. Gelukkig is er tondel op de club (berkenbast tussen het haardhout), zodat iedereen een eerlijke kans krijgt. Tim kennende had ik hem al een beetje gewaarschuwd dat dit laatste verrassinkje er aan zat te komen, maar desondanks geeft hij duidelijk aan dat hij deze openbare demo niet met zelfvertrouwen begint. Absoluut onnodig, zoals snel blijkt, in no time hebben we 7 minivuurtjes in de schiethal, en een applaus van de toeschouwers tovert een glimlach op de 7 gezichten (ook nu kan ik het niet laten om juist van Tim’s trotse lach een foto te maken). Marten’s pa is wat later waardoor Marten een beetje van slag is, maar zelfs dit kleine smetje waait snel over. Het besef dat m.u.v. Eric alle deelnemers wel één of meerdere breekmomentjes hebben gehad de afgelopen week, maar dat ze op dit moment zonder uitzondering te kennen geven, bij een volgende gelegenheid zeker weer mee te willen, maakt dat ik met een heel goed gevoel naar huis ga. Alle tijd en energie die in de voorbereiding is gestoken, de ontberingen van de week zelf, de opgenomen snipperdagen, het uitleggen, het opbeuren, het motiveren, pleisters plakken enz. enz. plus het werk achteraf (waaronder het maken van dit verslag), het regelen van de foto-CD’s, de certificaten, het is het allemaal dik waard geweest. Ons doel is bereikt, we hebben een aantal kinderen een bijzondere week bezorgd (en zij ons), ze zijn als groep teruggekomen, ze hebben heel wat gepresteerd en geleerd. Kortom ik vind dat we nog dichter bij onze doelstellingen in de buurt zijn gekomen dan ik stiekem durfde te verwachten. Jelger, Feli, Emmy en alle deelnemers enorm bedankt. Hans namens de kids bedankt voor de unieke (uit de seventies afkomstige) wonder vuurmakers. (goed bewaren die kom je niet vaak meer tegen) Beatrix bedankt voor de magnesiumstaafjes, seinspiegels, stafkaarten, waterzak, zuiveringstabletten, breeklichtjes en Jelger’s snipperdagen. Ouders bedankt voor het vertrouwen, jullie hebben toffe kinderen (ik denk dat ik hier ook namens de andere begeleiders spreek). Tot later. Ben van Wieren. |


